De zusjes Pawlowna

De tentoonstelling ‘Juwelen schitteren aan het Russische hof’ in de Hermitage te Amsterdam biedt naast indrukwekkende hofkleding en juwelen ook twee prachtige portretten van de zusjes Pawlowna, beter bekend als Anna Paulowna koningin der Nederlanden (1795-1865) en Maria Pawlowna (1786-1859), groothertogin van Saksen-Weimar-Eisenach, beiden tevens grootvorstinnen van Rusland. Tsaar Paul I en Sophia Dorothea van Württemburg (Maria Fjodorovna) waren hun ouders, die Anna en Maria overigens nog acht broers/zusjes gaven. Anna vond haar domicilie in Nederland, waar zij in 1816 trouwde met de latere koning Willem II en Maria streek neer in Saksen-Weimar-Eisenach, waar zij in 1804 trouwde met Groothertog Karel Frederik. Zij  kregen vier kinderen, waarvan zoon Carl Alexander in 1842, in de toen nieuw gebouwde Gotische zaal van paleis Kneuterdijk te Den haag trouwde met de dochter van Anna, prinses Sophie der Nederlanden, prinses van Oranje-Nassau (1824-1897). Samen vormen zij vanaf 1853 het nieuw groothertogelijk paar. Sophie werd beroemd als stichter van het Goethe-Schiller-Archiv in Weimar. Ook kwam de familie voor een periode in aanmerking voor erfopvolging toen de dynastie in Nederland in de eerste regeringsjaren van koningin Wilhelmina aan een zijden draadje hing. Maria bleef haar hele leven de Russisch-Orthodoxe kerk trouw, zozeer zelfs dat zij naar haar dood in 1859 een eigen Russische kapel liet bouwen die ondergronds werd verbonden met het mausoleum van de groothertogelijke familie. Hiervoor konden de echtgenoten gezamenlijk worden bijgezet, maar toch verbonden blijven met de eigen geloofsachtergronden. In het mausoleum van de groothertogelijke familie werden overigens ook de filosofen, wetenschappers en dichters Goethe (1749-1832) en Schiller (1759-1805) bijgezet. De tentoonstelling in de Hermitage van Amsterdam is overigens nog tot en met 15 maart 2020 te bezichtigen.